Wat moet ik kiezen als ik een nieuwe bal ga kopen? Asymmetisch of Symetisch?
Er is geen onderwerp dat ofwel veel moeilijker gemaakt wordt dan dat nodig of mogelijk is, maar evengoed kan het ook veel te veel vereenoudigd worden. De vraag lijkt te impliceren dat er een goed of fout antwoord is, dat is dus niet zo. Er zijn zo ontzettend veel variabelen van toepassing op de keuze van een nieuwe bowlingbal, dat het spreekwoordelijke onderbuik gevoel ook een grote rol krijgt. Persoonlijke voorkeur zo je wil, maar daarvoor is het wel nodig om een goed beeld te hebben van je eigen spel.
Het is een goed begin om duidelijk te krijgen welke ballen (in je huidige arsenaal) wel of niet overeenkomen met elkaar en dan vooral op welk vlak.
- oppervlak (sanded, polished)
- layout (waar zitten mijn gaten tov pin, pap, )
- RG vs Diff
- cover materiaal (reactive resin, urethane, hybrid)
Dit alles gezegd hebbende, is de vraag welke baancondities geschikt lijken te zijn voor bepaalde kerntypen een lastige. Wanneer de meeste mensen het over baancondities hebben, verwijzen ze naar het oliepatroon, maar er zijn enkele andere (heel belangrijke) factoren waar je rekening mee moet houden, waaronder de gebruikte olie, de wrijving van de baan en de topografie van de baan.
Het oliepatroon
Het patroon zelf bestaat uit de lengte, taper en de verhoudingen. Deze factoren bepalen de vorm van de olie op de baan.
Asymmetrische ballen hebben de neiging om, als alle andere factoren gelijk blijven, eerder en sneller "op te staan" (de kern gaat naar de stabiele stand) dan symmetrische ballen. Omdat ze meestal worden gecombineerd met zeer sterke coverstocks, werken ze het beste in omstandigheden met een behoorlijk volume (aantal ml olie), ongeacht de lengte van het patroon. Afhankelijk van het aantal omwentelingen en balsnelheid van een bowler, kan het zijn dat deze sterke(re) ballen toch prima werken op heel korte patronen
Veel bowlers trappen in de valkuil om deze sterke(re) ballen te gebruiken voor langere patronen, ondanks dat er vaak niet genoeg volume (ml) olie is gebruikt om deze tot hun recht te laten komen. Of ze gebruiken een bal met een te grof oppervlak (geschuurd met lage grid (500, 800)). Als je naar het oliepatroon zelf kijkt, zal elk patroon met een hoger volume en niet te veel tapsheid waarschijnlijk de krachtige actie van een asymmetrische bowlingbal vereisen. Nogmaals, dit hangt af van de speler, dus wat "hoger volume" voor jou betekent, kan voor iemand anders verschillen.
Olieviscositeit
Een andere belangrijke variabele is de olieviscositeit. Dit wordt niet per se goed aangegeven op een oliepatroon info sheet; maar je weet meestal wel welke olie er gebruikt is en anders kun je het natuurlijk altijd vragen aan de onderhoudsploeg van de bowling waar je speelt. Daarom is het handig om wat te weten over de verschillende producten die op de baan worden gebruikt. Viscositeit is in feite hoe dik een olie is, maar het effect van viscositeit is niet wat de meeste bowlers denken. Oliën met een hogere viscositeit (dikke vloeistof) vertragen de bowlingbal juist sneller, wat meestal meer hook creëert, niet minder.
Op basis van ervaring zijn symmetrische ballen bij het bowlen op olie met een hogere viscositeit vaak een betere keuze, omdat de core van de bal de energie beter kunnen vasthouden. Wanneer ze echter voldoende vertragen om te hooken, is hun beweging meestal niet zo scherp als bij een asymmetrische bal.
Wrijving en topografie van de baan
Hoe vlakker het oliepatroon (lage ratio), hoe belangrijker het baanoppervlak wordt. Omgevingen met een hogere wrijving geven de voorkeur aan ballen die energie beter opslaan, dus symmetrische ballen zijn meestal een betere keuze, tenzij er een enorme hoeveelheid olie op de banen ligt. Aangezien zoveel synthetische banen tegenwoordig al bijna 25 tot 30 jaar meegaan, is het moeilijk te zeggen dat er nog veel omgevingen met lage wrijving over zijn.
Concluderend
De variabelen zijn zo kort mogelijk beschreven om de vraag zo eenvoudig mogelijk te beantwoorden.
Om de vraag direct te beantwoorden:
- asymmetrische ballen zijn over het algemeen het meest effectief in omgevingen met lagere wrijving van de baan en een tragere respons, maar het is belangrijk om alle variabelen die hierbij een rol spelen in gedachten te houden.
- Een medium patroon kan worden beschouwd als een patroon met lagere wrijving, afhankelijk van de exacte vorm van het patroon, het type olie dat wordt gebruikt en de onderliggende baanpanelen, om nog maar te zwijgen van de persoonlijke kenmerken van de bowler.
- Rekening houdend met de coverstock, hebben zelfs glanzendere pearl(ized) asymmetrische ballen de neiging om meer een slip/hook/stop-motion te vertonen dan symmetrische bowlingballen met vergelijkbare covers. Dit vertaalt zich ook in dit soort omgevingen in transitie, of goed gemengde house-shots.
Nogmaals, met zoveel variatie in bowlingballen en bowlerstijlen is het erg moeilijk te zeggen wat voor iedereen het beste werkt, maar hopelijk heeft dit je in de juiste richting geholpen.
Vrij vertaald / bewerkt op basis van een artikel in BowlingThisMonth - Juni 2023 (https://www.bowlingthismonth.com/bowling-tips/coach-ive-got-a-question-june-2023/)